Giocare a carte, een potje kaarten, is een leuke manier om samen veel plezier te hebben. Een potje pesten, toepen, klaverjassen of rikken blijkt wel bekend bij Nederlanders, maar bij Italianen niet. Alleen klaverjassen komt in de buurt van het kaartspel picchetto. Het wordt gespeeld met carte francesi, Franse speelkaarten. Italië speelt echter vooral met een een Italiaanse stok kaarten. Die zitten anders in elkaar.
Populaire kaartspelletjes in Italië
Een potje kaarten met Italianen betekent vaak een van de volgende vormen:
- scopa
- briscola
- sette e mezzo
- tressette
- rubamazzetto zijn
Italiaanse stok kaarten
De Italiaanse stok is gebaseerd op de tarotkaarten. Er zijn vier ‘kleuren’: bastoni, coppe, denari e spade, knuppels, bekers, munten en zwaarden. Het belpaese kent officieel 16 regionale versies van deze kaartenstok. Het grootste verschil zit in vormgeving van de bovengenoemde vormen.
De stok kaarten kent de grootste verschillen tussen noorden en zuid Italië. De Zuid-Italiaanse variant is beïnvloed door de Spaanse kaarten, die circuleerden ten tijde van de Spaanse overheersing van Zuid Italië.
De zogeheten Franse speelkaarten, dus die met ruiten, klaveren, schoppen en harten, werd pas aan het eind van de 15e eeuw werden in Italië geïntroduceerd.

Carte trevisiane
Het kaartspel Scopa
Het bekendste spel dat met de traditionele Italiaanse kaartenstok wordt gespeeld is scopa, letterlijk bezem. Dit spel is ongeveer 400 jaar oud, misschien nog wel ouder, en kent verschillende varianten. De eenvoudigste versie is de klassieke scopa of scopetta.
Scopa, de regels
- Scopa start met het uitdelen van drie speelkaarten per speler. Vervolgens worden er vier kaarten open op tafel gelegd. Het is de bedoeling om deze kaarten te winnen. Dat kan alleen met een kaart van dezelfde waarde. Deze kaart mag van een andere kleur zijn.
- De gewonnen kaarten legt de speler naast zich neer.
- Wanneer er geen zelfde waarde op tafel ligt, kan er ook een combinatie van kaarten worden gepakt; zo kan een 7 dus een 2 en een 5 pakken.
- Boer, paard en koning zijn in deze respectievelijk 8, 9, 10 punten waard.
- Als er geen kaart kan worden gepakt, moet de speler één van zijn kaarten naast de open kaarten leggen.
- Wanneer in een beurt de tafel wordt leeg geveegd, een scopa, win je 1 punt. De tafel is nu leeg en de volgende speler moet verplicht een kaart afgeven.
- De speler die als laatste een kaart kan pakken, krijgt de overgebleven kaarten als bonus (dit is natuurlijk geen scopa!)
- Als de kaarten zijn gespeeld, telt iedereen zijn punten. Wie, na een aantal potjes, het eerste 11 punten heeft behaald, wint het spel.
Er is nog een extra aanvulling om punten te vergaren. Echter eerst maar eens dit onder de knie krijgen…Buon divertimento!

Attendeer anderen gerust met een link op deze pagina, maar onthoud dat kopiëren van de inhoud niet is toegestaan!